Artiestenbio Laura Jansen

Vandaag verschijnt We Saw A Light, het derde album van Laura Jansen. In opdracht van haar management Friendly Fire verzorgde buro33 de begeleidende artiestenbio,, bedoeld voor promotioneel gebruik rondom de release van dit album.

LAURA JANSEN
WE SAW A LIGHT

Met het imposante We Saw A Light maakt Laura Jansen act jaar na haar album Elba haar rentree in de muziekwereld. Jaren die haar langs hoge pieken en diepe dalen lieten scheren en die een nieuw album helemaal niet zo vanzelfsprekend hebben gemaakt. De tien nummers op het door Ed Harcourt geproduceerde We Saw A Light voelen dan ook als een emotionele achtbaan, waarin de luisteraars worden meegevoerd van de vluchtelingenkampen op Lesbos tot de desolate straten van een winters Berlijn.

“Ik wist oprecht niet of ik nog wel een album in me had. Ik wist niet eens of ik überhaupt nog wel muziek kon maken”, aldus Jansen, die in 2009 doorbrak met haar debuutalbum Bells en hits scoorde met singles als Single Girls, Use Somebody en Wicked World. In 2013 volgde het album Elba, Jansen werkte samen met artiesten als Tom Chaplin (Keane) en Armin van Buuren en reisde zowel als soloartiest en als onderdeel van Van Buurens tour de wereld over. De meeslepende muzikale carrière die ze jarenlang had nagestreefd, was een feit. Gelijktijdig echter tekenden zich langs de grenzen van Europa steeds scherper de contouren van een immense humanitaire crisis af. De beelden van de oorlog ontvluchtende bootvluchtelingen gingen de wereld over.

We Saw A Light – release 7 mei 2021 (Universal Music)

Jansen hielp aanvankelijk mee met de opvang van gezinnen die na een lange reis in Amsterdam aankwamen. Hun verhalen raakten haar diep en gaven haar een steeds duidelijker beeld van de humanitaire ramp die zich op slechts enkele uren vliegen aan het voltrekken was. Na enkele maanden besloot ze naar Griekenland af te reizen om ter plekke hulp te kunnen bieden in de vorm van humanitaire services in de vluchtelingenkampen. “Er was daar niets, we hebben alles ‘from scratch’ neer moeten zetten”, aldus Jansen, die zodoende een van de oprichters werd van hulporganisatie Movement On The Ground. Uiteindelijk heeft ze bijna drie jaar op het eiland doorgebracht. “Ik was absoluut van plan om muziek te blijven maken, had ook een piano op Lesbos. Tot meer dan af en toe een beetje pingelen kwam het echter niet. Je krijgt dagelijks shocks en drama te verwerken. Je biedt fulltime hulp aan mensen die met gevaar voor eigen leven alles achter zich hebben gelaten. Mensen die nu onder erbarmelijke omstandigheden moeten overleven. Mijn leven maakte zo’n draai, nadenken over mijn muziekcarrière voelde bijna banaal. Daarnaast gaat muziek, zowel het maken als luisteren, bij mij direct naar een plek van gevoel. Dat kon ik bovenop de toch al heftige dagelijkse gevoelens op Lesbos niet gebruiken, dus heb ik me daarvoor afgesloten.”

Onder de meest extreme omstandigheden het humanitaire werk instappen en vervolgens geen tijd nemen om af en toe zelf op adem te komen, eiste bij Jansen zijn tol. Ze had echter niet direct door hoe slecht ze er na drie jaar op het eiland aan toe was. Pas toen ze het eiland verliet, kwam de klap. Ze heeft moeten acclimatiseren aan het gewone leven, geworsteld met gevoelens en trauma’s moeten verwerken. “Een ontheemd gevoel, niets is meer hetzelfde. Mensen zeiden tegen me ‘je hebt door wat je hebt gezien vast veel inspiratie’. Het tegenovergestelde was waar. Ik had er geen woorden voor.” Het duurde dan ook nog ruime tijd voor de productie van wat uiteindelijk We Saw A Light zou gaan worden een feit was. Dat moment kwam toen bevriende Britse muzikant Ed Harcourt, die eerder een bijdrage aan Elba had geleverd, Laura uitnodigde om gewoon een weekje langs te komen in zijn studio. In die week werden We Are The Island en Berlin geschreven, twee sleutelnummers op We Saw A Light.

Eerstgenoemde track is even filmisch als dystopisch en grijpt de luisteraar direct bij de strot. Een ijzingwekkende weerslag van het gevoel dat op Lesbos heerst, zonder dat het er dik bovenop ligt dat het over Jansens eigen ervaringen gaat. “De persoonlijke verhalen over Lesbos heb ik bewaard voor mijn boek Wij Zagen Een Licht. Met mijn muziek wil ik een breder gevoel vangen; de in het Nederlands maar lastig te vangen term ‘defiant’. De situatie is desolaat en de mensen voelen zich verlaten. Maar ze zijn tegelijk ook enorm krachtig en kijken vastberaden naar de onzekere toekomst die voor hen ligt.” Het misantropische Berlin voelt exact tegenovergesteld. Het is bijna een requiem, het muzikale equivalent van een depressieve mist die door de winterse straten van Jansens nieuwe woonplaats trekt. Als luisteraar word je meegetrokken de duistere kou in. De persoonlijke ervaringen en de duistere gemoedstoestand die Jansen had, zijn de basis. De manier waarop het muzikaal is ingekleed, maakt dat iedere luisteraar de eerste plaatkant happend naar adem afsluit.

Vanaf het moment dat die eerste twee nummers er waren, ontwikkelde We Saw A Light zich gestaag. Het is met dank aan Ed Harcourt, die uiteindelijk de hele productie op zich heeft genomen, een traditionele plaat geworden die zich in een A-kant en een B-kant laat opsplitsen. Op de eerste vijf tracks hoor je de weg die Laura Jansen de afgelopen jaren heeft bewandeld. Van de kleine maar huiveringwekkende opener Wait For Me en het optimistische The Door via het majestueuze The Island naar het fraai mijmerende en tegen het einde vervliegende Modern Love Never Stood A Chance (met een opvallende trompetsolo van een Londense amateurbokser) en Berlin dat het licht uitdoet. “Ik stel me bewust heel kwetsbaar op in deze liedjes”, aldus Jansen. “In het kwetsbaar durven zijn, heb ik mijn kracht gevonden!”

Draai de plaat om en de zon gaat schijnen in You Can’t Have It All (But You Can Have This). “Het eerste liefdesliedje op deze plaat, het werd tijd”, lacht Jansen. Op We Saw A Light gaat ze haar zoektocht naar liefde met de nodige humor en zelfreflectie te lijf, getuige ook het duet The Past Will Come. De tussen die tracks geklemde oorwurm Buying Time is eveneens gespeend van humor, ditmaal behoorlijk zwart. De boodschap is helder; we staan als maatschappij op de rand van de afgrond en doen allen vrolijk alsof er niks aan de hand is. Ondertussen hopend dat het onze tijd wel zal duren. “Door de coronacrisis is de tekst inmiddels door de werkelijkheid ingehaald. Toen ik het opnam hoopte ik dat de ironie niemand zou ontgaan. Inmiddels heeft het een heel andere lading gekregen.” I Dream maakt de albumcirkel rond met een opsomming van wat ‘thuis’ is. Daarmee sluit het naadloos aan op de stelling ‘I am my own home’ die op de A-kant in The Door voorbij komt. “Hier zit echter ook een dubbele laag in. De tekst is namelijk ook enorm van toepassing op de vluchtelingen die huis en haard hebben moeten verlaten. Wat is dan je ‘thuis’ nog? Wat zijn ze onderweg kwijtgeraakt?” Inhoudelijk voelt We Saw A Light dan ook als een muzikale variant op Homerus’ Odyssee. Gedurende de muzikale reis die het album is, verdwijnen alle naar buiten gerichte gevoelens bij de hoofdpersoon. Kwetsbaarheid wordt een kracht. Wat overblijft, is de rustige zekerheid van het thuiskomst in zichzelf.

Vanuit die zekerheid eindigt We Saw A Light met een nummer dat wél een rechtstreekse vertaling is van hetgeen Laura Jansen op Lesbos heeft meegemaakt, tevens het enige nummer dat ze – samen met haar jarenlange drummer Wouter Rentema – nog wel daadwerkelijk op het eiland heeft opgenomen. Vanuit het oogpunt van de 9 maanden oude baby die de tocht naar Lesbos niet heeft overleefd, vertelt Lara het ijzingwekkende verhaal van hoe zo’n tocht met rampzalige afloop moet voelen. “Ik ben met haar ouders opgetrokken nadat ze waren aangekomen, heb met hen dat rouwproces beleefd en heb nog steeds met regelmaat contact met hen. Mijn hart bloedt bij de gedachte dat er niets is dat aan Lara herinnert. Geen gedenksteen op dat eiland, de telefoon foto’s ligt op de bodem van de zee, in een boek met de namen van alle doden komt ze niet voor… vreselijk! Door haar verhaal te vertellen, blijft de herinnering levend. Geen ‘happy end’ op het album, al is die er voor mezelf zeker wel. Ik sta stabieler in het leven. Ik heb mijn eigen stukje grond weer geclaimd ! Juist dat geeft me de kracht om weer muziek te maken en daarmee haar verhaal te vertellen. Ik ben heel blij dat er eindelijk weer een plaat is. Dat er blijkbaar toch nog een behoefte is bij mij om mezelf op die manier te uiten, dat er nog troost te vinden is in muziek. Dat gevoel was ik heel lang kwijt en maakt dat mijn derde album op een vreemde manier aanvoelt als opnieuw debuteren.”

%d bloggers liken dit: